Kabinetsformatie in examen?

De procedure rond de kabinetsformatie is in 2012 gewijzigd. Naar aanleiding van een vraag van één van de NVLM-leden hebben wij het College voor Examens gevraagd hoe docenten hun vmbo-leerlingen op het centraal examen maatschappijleer 2 moeten voorbereiden. In de syllabus maatschappijleer 2 staat immers dat leerlingen moeten weten hoe de kabinetsformatie in zijn werk gaat. Het antwoord van het College voor Examens luidt als volgt: “bij de centrale examens houdt het College voor Examens rekening met onderwerpen die aan veranderingen onderhevig zijn. Vragen over onderwerpen die net veranderd zijn worden in principe niet gesteld. Als het onderwerp wel aan bod komt, bijvoorbeeld doordat de verandering op een tijdstip plaatsvond waarop het examen niet meer op verantwoorde wijze aangepast kon worden, dan krijgen de examenkandidaten – indien nodig – aanwijzingen zodat zij geen hinder hebben van de wijziging.“

Reactie NVLM op advies Onderwijsraad

Het NVLM-bestuur is positief over de nadruk die de Onderwijsraad legt op de democratische rechtsstaat als de kern van burgerschaponderwijs. Ook de andere aanbevelingen bevatten positieve elementen, zoals de nadruk op systematische kennisopbouw.  Tegelijkertijd heeft het NVLM-bestuur kritiek op de belangrijkste keuze die de Onderwijsraad in het advies maakt. De NVLM vindt dat de Onderwijsraad te veel vrijheid laat aan de scholen. De Volkskrant van 29 augustus liet onze voorzitter daarover aan het woord:

‘De vrijheid voor de scholen is te groot in deze plannen; het blijft bij een inspanningsverplichting. Scholen moeten laten zien dat ze ‘iets’ doen aan burgerschap. Er zouden landelijke kerndoelen moeten gelden voor burgerschaponderwijs en daarvoor moet een resultaatverplichting gelden.

‘Brits onderzoek heeft uitgewezen: burgerschapsonderwijs werkt alleen als er afgebakende lessen zijn, bevoegde docenten lesgeven, en er examens worden afgenomen. Met de identiteitsontwikkeling van leerlingen hoeft de overheid zich niet te bemoeien, dat moet een school zelf bepalen. Maar het begrip democratisch burgerschap is te vangen. Wat een leerling bij maatschappijleer moet leren, ligt bijvoorbeeld ook vast.’

Advies Onderwijsraad

Op 27 augustus kwam de Onderwijsraad op verzoek van de minister van Onderwijs met een advies over burgerschap. De raad boog zich over het probleem van een (te) langzame ontwikkeling van het burgerschapsonderwijs op scholen. De raad wil de ruimte die scholen hebben om zelf vorm en inhoud te geven aan burgerschapsonderwijs, nadrukkelijk behouden. Tegelijkertijd doet de Onderwijsraad drie aanbevelingen het burgerschapsonderwijs te verbeteren:

Aanbeveling 1: zet in op steun aan scholen en leraren
De overheid moet uitdragen dat burgerschapsonderwijs van grote waarde is. Ook moeten scholen ondersteund worden bij het expliciteren van wat zij beogen en (deels) al doen op het gebied van burgerschapsonderwijs.

 Aanbeveling 2: stimuleer systematische kennisopbouw
De raad vindt het noodzakelijk dat er systematische kennisopbouw over burgerschapsonderwijs plaatsvindt. Dan gaat het bijvoorbeeld om de effecten van burgerschapsonderwijs, effectieve methoden, leermiddelen en toetsen.

Aanbeveling 3: bied scholen een inhoudelijk kompas
Volgens de Onderwijsraad bevat de burgerschapsopdracht aan scholen een gemeenschappelijke inhoudelijke kern. Deze gemeenschappelijke kern bevat twee componenten die in het onderwijs aan bod zouden moeten komen. Ten eerste: kennis over de democratische rechtstaat en de waarden en spelregels die hieraan ten grondslag liggen. Ten tweede: identiteitsontwikkeling van leerlingen, dat wil zeggen de ontwikkeling van en reflectie op eigen idealen, normen en waarden en de eigen positie in de samenleving.

Reactie van onze voorzitter op slecht scoren van scholieren op burgerschap

Hans Teunissen, voorzitter van de vereniging van leraren maatschappijleer NVLM: “Als leerlingen de gemeenschappelijke waarden en normen van onze samenleving niet delen, is dat erg, ja. Zeker als die in de wet vastliggen, zoals gelijke rechten voor alle burgers. Natuurlijk mogen jongeren afwijkende meningen hebben, maar als ze niet eens de kennis hebben op basis waarvan ze een hebben mening kunnen vormen, is dat ernstig. De lage scores zijn wel verklaarbaar. Het onderzoek gaat over veertienjarigen, terwijl burgerschap op school pas in de hogere klassen aan de orde komt. Burgerschap wordt bovendien beschouwd als opdracht van de hele school: het moet in alle lessen aan de orde komen. Maar gebleken is dat het pas echt goed werkt als je het in afgebakende lessen onderbrengt, met serieuze toetsen en bevoegde docenten. Met die paar uurtjes maatschappijleer die leerlingen nu in hun schoolloopbaan krijgen, red je het niet. 


(In ‘Gebrek aan burgerschap is alarmerend’ door Hanne Obbink in Trouw, 22 juni 2012)

Onderzoek naar kansen en barrières voor MW in het VO

Henk Gilhuis en Jeroen van Dijk hebben in het kader van hun educatieve master maatschappijleer en maatschappijwetenschappen aan de Universiteit Utrecht een belangwekkend onderzoek gedaan naar de kansen en barrières voor het vak maatschappijwetenschappen in het VO. Middels een uitgebreide enquête en diepte interviews hebben zij deze kansen en barrières in kaart gebracht. In het rapport worden interessante conclusies getrokken en belangrijke aanbevelingen gedaan voor docenten die het vak willen invoeren.

Op middelbare scholen in Nederland  is maatschappijwetenschappen (MW) een
profielkeuzevak. MW wordt momenteel aangeboden op 40% van de havo scholen
en 30% van de vwo scholen. Bij de invoering van de vernieuwde tweede fase in
2007/2008 is het aantal leerlingen dat het vak volgt meer dan verdubbeld. Sindsdien
is er sprake van een (lichte) daling, zo heeft ons onderzoek uitgewezen. In 2016
wordt een nieuw curriculum voor dit vak ingevoerd. Dit zal het vak een nieuwe impuls
geven en kan voor scholen die nog geen MW aanbieden aanleiding zijn om de
invoering van het vak te overwegen. Voor ons was dit aanleiding om te onderzoeken
hoe dergelijke besluiten tot stand komen.

Op middelbare scholen in Nederland is maatschappijwetenschappen (MW) een profielkeuzevak. MW wordt momenteel aangeboden op 40% van de havo scholen en 30% van de vwo scholen. Bij de invoering van de vernieuwde tweede fase in 2007/2008 is het aantal leerlingen dat het vak volgt meer dan verdubbeld. Sindsdien is er sprake van een (lichte) daling. In 2016 wordt een nieuw curriculum voor dit vak ingevoerd. Dit zal het vak een nieuwe impuls geven en kan voor scholen die nog geen MW aanbieden aanleiding zijn om de invoering van het vak te overwegen. Dit was voor deze studenten aanleiding om te onderzoeken hoe dergelijke besluiten tot stand komen.

Klik hier om het volledige rapport te downloaden: Kansen en barrieres voor maatschappijwetenschappen in het VO definitief


Schrijf alvast in uw agenda!

De volgende docentendag vindt plaats op vrijdag 1 februari, met een voorprogramma op de avond van 31 januari. Ook dit jaar mogen we gebruik maken van het Tweede Kamergebouw. De inschrijving is nog niet geopend, maar zet deze data alvast in uw agenda.

Aanvulling op correctievoorschrift h/v

Naar aanleiding van de examenbesprekingen Maatschappijwetenschappen heeft het College voor Examens voor zowel havo als vwo een aanvulling op het correctievoorschrift naar de scholen gestuurd. U vindt beide documenten hieronder:

Certificaat voor excellente examenkandidaten

U kunt uw excellente leerlingen weer belonen met een NVLM certificaat voor een uitzonderlijke examenprestatie.
Voor leerlingen die een 9,0 of hoger hebben gehaald voor het Centraal Eindexamen kunt u een certificaat aanvragen door een mail naar aukjeschrijver@nvlm.nl met daarin:

  • volledige namen en achternaam van de leerling
  • geboortedatum van de leerling
  • gemiddeld SE cijfer en het behaalde CE cijfer
  • examenniveau: maatschappijleer-2 vmbo BB of KB of GL of TL – maatschappijwetenschappen havo of vwo
  • het postadres waar het certificaat naartoe gestuurd moet worden 

Vraag uw certificaat vóór zaterdag 16 juni 2012 aan! 


Examenbesprekingen

De aanmelding voor deelname aan de examenbesprekingen is gesloten. Ook dit jaar zullen de examenbesprekingen weer bij de Universiteit Utrecht plaatsvinden.

Informatie per bijeenkomst:

  • Vmbo kb, gl en tl: do. 24 mei van 16.00 tot 17.00 uur. Universiteit Utrecht, Marinus Ruppertgebouw, lokaal 135.
  • Havo: di. 29 mei van 15.00 tot 16.30 uur. Universiteit Utrecht, Marinus Ruppertgebouw, lokaal 135/ 136.
  • Vwo: di. 29 mei van 17.00 tot 18.30 uur. Universiteit Utrecht, Marinus Ruppertgebouw, lokaal 135/ 136.

Het Marinus Ruppertgebouw bevindt zich op de Uithof, Leuvenlaan 21.

Contactpersoon NVLM:  aukjeschrijver@nvlm.nl.